Tot op heden heeft slechts één ruimtesonde de planeet benaderd: de in 1977 gelanceerde Voyager 2 passeerde de planeet op 24 januari 1986 op een afstand van circa 9,1 miljoen km. Hij ontdekte negen nieuwe manen, twee nieuwe ringen en een aantal onvolledige ringen van Uranus. De nieuw ontdekte manen werden Cordelia, Ophelia, Bianca, Cressida, Desdemona, Juliet, Portia, Rosalind en Belinda genoemd. Tijdens deze missie heeft de sonde foto's van de planeet en de ringen naar de Aarde gestuurd en is vervolgens doorgereisd naar Neptunus.
Ook de Hubble Space Telescope heeft belangrijke ontdekkingen over Uranus gedaan. Zo vond men in 2005 een tweede stel ringen. De ringen van Uranus zijn donker en dun, en ze bestaan uit donkere rotsachtige stof. Een deel is waarschijnlijk gevormd door een inslag van een meteoor. De James Webb-ruimtetelescoop was in 2023 in staat om deze ringen veel duidelijker zichtbaar in beeld te brengen ...
De Voyager 2 vormt samen met Voyager 1 de Voyagermissie van de NASA. Deze missie werd in het leven geroepen om gebruik te maken van de zelden voorkomende onderlinge positie van de vier grote buitenplaneten eind jaren zeventig en tachtig: deze stonden toen op een lijn. Eigenlijk waren de Voyagers ontworpen voor het Marinerprogramma.
Die één keer per 175 jaar voorkomende situatie maakte het mogelijk de planeten Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus met een minimum aan brandstof en reisduur te bereiken.
Drag and Drop Website Builder